Nog geen volledige week aan het werk sinds ons laatste verlof, en we staan alweer te trappelen om voor het paasweekend naar Dourbes te vertrekken. In mijn agenda prijken nog een paar vrije dagen; Cris had minder geluk, al valt dat tegenwoordig mee. Hij plant zijn snipperdagen nu steevast in wanneer ik schoolvakantie heb.
Proloog
Als smakelijk intermezzo tijdens deze korte werkweek kwamen Toon en Wouter langs. Het doel? Onze nieuwste aanwinsten proeven van onze trip naar Hauts-de-France. Maar bovenal wilden we kraken wat we tijdens de terugreis uit de Champagne-Ardenne hadden ‘meegesmokkeld’: onze Souvenirs du Grand-Est.
Sushi, Champagne en Reservefamilie
Om de zoveel weken spreken we af voor ‘frietjes met Toon’. Hoewel hij amper 900 meter verderop woont, zouden we die knaap anders nauwelijks zien – en hij ons ook niet. Gezien het royale aperitief laten we de vette frieten deze keer echter voor wat ze zijn; sushi blijkt een veel passender partner voor de godendrank van Antoine Blaise. De 3 Cépages van deze knappe wijnmaker valt ook bij onze vrienden erg in de smaak.
Tijdens de degustatie briefen we ‘meester’ Joeri over onze niet-te-vergeten-lijst voor het weekend. Ook de logistiek komt aan bod: de vermoedelijke aankomsttijd, de 4G-router en – minstens zo essentieel – de espressomachine. De echtgenoot van Wouters tweelingbroer beklaagt zich ondertussen dat hij weer niet mag meedrinken. Maar de doos champagne voor het familieweekend in Dourbes staat al sinds zondag in de koffer van de Berlingo. Plots zijn we weer zijn allerbeste vrienden. ‘Reservefamilie’ zijn ze sowieso al sinds we zijn schoonbroer officieel in onze huwelijksband hebben opgenomen. Dat Wouter een nieuwe liefde heeft, verandert daar niets aan; die zorgt hooguit voor wat meer lege flessen op tafel. Tempus fugit amor manet.
Vrijdag 18 april
Het is Goede Vrijdag en mijn teddybeer is nog aan het werk, al mag hij gelukkig wat vroeger stoppen. De kleine schavuit Billy is al de hele dag bij ons en mag gezellig mee op avontuur. Zodra zijn baasje weer thuis is, pikken we hun bagage en Wouters ijsmachine op. De weersvoorspelling belooft ons een stralend paasweekend in Dourbes. En daar gaan we: de Berlingo en de Cupra in colonne richting de E411, op weg naar Viroinval.
Beren, Burgers en Vergeten Eieren
Tot plots… Ping! Er moet dringend een tussenstop worden ingelast, want de paaseieren voor de kinderen blijken nog in Bertem te liggen. Bovendien begint het buikje van de teddybeer vervaarlijk te grollen. Terwijl Papsie stiekem het warenhuis binnenglipt voor de redding van het paasfeest, duiken Wouter en Cris de McDonald’s om de hoek in voor een snelle burger. “Moet gij niks hebben, Stijn?” “Nee, ik blijf wel bij de hond en het wagenzieke kind…”
Diep in de Ardennen, een flink eind voorbij Hastière, laten we de geciviliseerde wereld en het smartphone-bereik achter ons. Met de allerlaatste streepjes bereik sturen we nog snel dat we er bijna zijn.
De Klim op Rue de Fays
Net als vorig jaar manoeuvreer ik onze ‘verhuiswagen’ bij het kapelletje om vervolgens via de hobbelige privéweg steil omhoog naar het vakantiehuis te rijden. Kiezels schieten vervaarlijk weg onder de slippende banden; het gebrul van de motor is tot boven te horen. Meester Joeri staat ons dan ook al op te wachten bij de voordeur. Onze compagnon-de-route parkeert zijn blitse bolide beneden op het plein en komt met zijn gevolg puffend naar boven geklommen. De zon staat nog hoog aan de strakblauwe hemel en het voelt bijna zomers warm aan.
Cris en Klaas sjouwen alle spullen naar binnen terwijl ik ze uit de gigantische kofferbak vis. Alles wordt per gezin gesorteerd of verdwijnt linea recta naar de keuken: de koffiebonen, de espressomachine, de ijsblokjesmaker… Het krat champagne houd ik voor mezelf; dat draag ik straks hoogstpersoonlijk naar de kelder zodra de Berlingo op zijn vaste plek voor de garagepoort staat.
Ook de kamerverdeling is een kopie van vorig jaar. Zo kan Billy straks weer op zijn gemak kiezen onder wiens donsdeken hij kruipt, om dan in het holst van de nacht stiekem van bed te wisselen. Terwijl de volgende gasten de oprit nemen, maken wij ons klaar voor het eerste aperitief en een hartelijk weerzien met de hele bende.
Avondrood, Spaghetti en een Splinterdrama
Wanneer de avondzon achter de heuvels zakt, is de drank al lang in de man. Ondanks een flinke dosis anti-gel wordt het op het terras al snel te fris om buiten te blijven zitten. Gelukkig is Nancy tegen die tijd al druk in de weer in de keuken en wordt haar spaghetti dampend geserveerd. Wie slim is, zoekt op tijd zijn bed op; wie dapper is, blijft plakken bij het ‘zootje ongeregeld’ dat steeds luidruchtiger wordt tussen jengelende bengels en honden die hoopvol om tafelresten bedelen.
Iets met drank en wijsheid die in de spreekwoordelijke kan blijft, doet mij besluiten het hazenpad te kiezen wanneer een van de koters krijsend binnenstormt. Een splinter van het verweerde houten terras in een kindervoet, gevolgd door de bemoeienissen van iedereen die luidruchtig komt toesnellen, is voor mij de laatste druppel. “Niet op je blote voeten op het hout!” hadden de volwassenen nog zo gewaarschuwd, maar kleine meisjes luisteren nu eenmaal nooit. Drama alom.
Terwijl Klaas me beneden bij het kapelletje komt zoeken om de lieve vrede te herstellen, kiest Billy waar voor zijn geld. Hij houdt net zomin van dit soort drukte en is wijselijk bij Cris onder het donsdeken gekropen.
Zaterdag 19 april
Stille Zaterdag. De klokken zijn naar Rome om eieren te halen, want hier in de bossen behoort de paashaas inmiddels tot het aangeschoten wild. Bijna even aangeschoten als de toeristen van gisteravond; ik nip om acht uur ’s morgens al aan mijn koffie, terwijl Wouter en zijn nieuwe vlam nog onder hun fleece op de sofa vandaan moeten zien te kruipen voor het ontbijt. Normaal gesproken zou ik met mama Marijke om brood rijden, maar ook zij bleef tot een gat in de nacht bij haar kroost plakken. De tortelduiven moeten helemaal naar Mariembourg of naar de dichtstbijzijnde bakker in Viroinval. “Stijn, weet gij nog waar dat was?”
Omdat ik de weg en de naam ook niet meer in mijn parate kennis zit, zoek ik het op in mijn eigen reisverslag. Het gevoel dat me gisteravond bekroop — door de komst van de ‘nieuwe’ naar het achterplan te worden verdrongen — laat me niet los. “Boulangerie Versaevel. Google de route zelf maar,” antwoord ik kortaf. De gps voert hen dwars door het uitgestrekte Parc Naturel Viroin-Hermeton. Een natuurgebied van ruim 48.000 hectare dat zich uitstrekt over de Fagnes (niet te verwarren met de Franstalige benaming van de Hoge Venen), de echte Ardennen, de kalkrijke Calestienne en de vruchtbare Condroz, gevangen tussen de Samber en de Maas.
Koffie, Kaarten en Nieuwe Liefdes
Na het stevige ontbijt waagt de hele familie zich aan een flinke klim naar de burchtruïnes; vorig jaar strandden we nog in de modderige bosweggetjes, maar nu moet het lukken. Een wandelkaart hoeft meester Joeri niet, hij kent de weg. Ik loop mee, maar voel me al snel een beetje verloren tussen de uitgelaten bende. Wouter loopt zoals het hoort aan de zijde van zijn nieuwe vriend en kijkt nauwelijks nog om naar zijn inmiddels tot een onbehagelijke soort evidentie gedegradeerde ‘sugardaddy’.
Stiekem hoopten Cris en ik op een herhaling van de zomervakantie met onze ’troetelbeer’; dat was soi-disant ook zo afgesproken. Van samenhuizen of stiefvader spelen was toen nog geen sprake, maar Wouters nieuwe liefde, Thierry, heeft blijkbaar een toekomstplan. Het onderwerp kwam al eens zijdelings ter sprake toen Wouters verlofaanvraag werd goedgekeurd, maar beiden ontweken toen de vraag of hij eigenlijk nog wel mee wilde op congé.
Omdat Wouter communicatief niet altijd even begenadigd is, vraag ik het hem hier eindelijk op de man af: “Gaat gij eigenlijk nog mee op congé?” De hoop wordt onmiddellijk de kop ingedrukt. “Ah ja, naar Berlijn toch?”
Zielsverdriet en Middagzon
Boos en vooral teleurgesteld door zijn diplomatische dubbelzinnigheid van de afgelopen tijd, veins ik een buikpijntje na de zware nacht. Ik maak rechtsomkeer en trek me terug in de stilte van het lege vakantiehuis, vergezeld door een flinke dosis zelfbeklag. Alleen Joeri en Nancy waren er gisteren al op beducht; de naïeve troetelbeer zelf merkt dat soort diepe emoties niet, of hij weet er simpelweg geen raad mee en loopt er gewoon van weg.
“Die gaat van de zomer niet mee hoor!” vaar ik uit tegen mijn eigen vent. “Wat heeft hij nu precies gezegd?” vraagt Cris zuchtend. “Ik kan die twee toch geen drie weken alleen laten!” Mijn gezaag bezorgt Cris geen buikpijn wel een zere rug, waarna hij op bed gaat liggen. Inmiddels krijg ik écht maagpijn van te veel wijn en overprikkelde emoties.
Donald, die sinds zijn beproeving van vorig jaar niet meer mee gaat wandelen, voelt aan dat mijn humeur onder het vriespunt gezakt is. Hij probeert het onderwerp nog te verzetten, maar dat gesprek leidt al snel tot een rist ongemakkelijke stiltes. Met een begripvolle blik voor de zorgelijke vent die zijn zoon doodgraag ziet, leunt hij achterover. Het duurt niet lang of we dutten beiden weg in de warmte van de middagzon.
Donald en ik schrikken wakker door het geklingel van de eerste foto’s die binnenkomen in het groepje op WhatsApp. Klaas heeft ergens op de hoogvlakte een verloren streepje 4G gevonden en ‘meester Stijn’ de fles Oost-Vlaamse anisette. Precies wat ik nodig heb om mijn zware hoofd te verlichten. Onzekerheid is een sluipend vergif, net als de uit anijs gestookte alcohol. Maar na de smart volgt de loutering, die het hart van deze ‘sugardaddy’ weer wat lichter maakt.
Een hoofdstuk is afgesloten, over de komende herfstvakantie zullen nog eens grondig moeten nadenken. Het meevragen van het nieuwe lief en zijn kind zag ik nooit als een verworven recht, maar eerder als een vorm van compensatie die nu vervalt.
Loutering, Anisette en Nieuwe Plannen
Een goed stuk na de middag keren de wandelaars terug en worden de flessen van Antoine uit de koele kelder gehaald. De zon brandt hoog aan het firmament en de sfeer is allesbehalve bedrukt. Vorig jaar hadden we Lissa al een spelletje Spike-ball beloofd, maar tussen het aperitief en de barbecue door komt het er ook nu niet van. Om het goed te maken, beloven Cris en ik haar een weekendje in Bertem te organiseren; onze tuin is groot genoeg voor dat sportief geweld.
’s Avonds aan de grote tafel komt de Duitse hoofdstad opnieuw ter sprake. Marijke viert volgend jaar haar pensioen en Lissa wil om dat te vieren ook wel eens gaan citytrippen in Berlijn. Gezien onze eerdere passages daar met Wouter, worden wij direct gebombardeerd tot gidsen. “Tuurlijk gaan wij mee!” zegt Cris enthousiast. Maar eerst maar eens zien of we er dit jaar zelf nog geraken…
Zondag 20 april
Paasdag. Gisteren boekte Nancy het hoogteparcours bij de Lacs de l’Eau d’Heure voor de meisjes: een avontuur tussen hemel, bos en water. Voor mij hoeft dat geklauter over hangbruggen en gespring tussen boomtoppen niet; ik moet dit weekend geen nieuwe hoogten meer bereiken. Dit kunstmatige merengebied ontstond in de jaren zeventig door een afdamming van het gelijknamige riviertje, dat ontspringt op het plateau van de Fagne en bij Marchienne-au-Pont in de Samber vloeit. Tegenwoordig voeden de rivier en de meren een waterkrachtcentrale die, net als die in Coo, volgens de stroombehoefte water oppompt of turbines laat draaien.
Toen we bijna twintig jaar geleden met de camper begonnen te reizen, was dit een feeëriek watersport- en recreatieoord. Vaak dachten we eraan om er een weekend te blijven plakken, maar de champagnehuizen lonkten altijd harder; eenmaal Charleroi voorbij, wilden we onderweg zelden nog stoppen. Een decennium geleden zwierven de hangjongeren van die verpauperde Waalse stad uit en samen met hen ook drugscriminaliteit en vandalisme. Gelukkig leeft het toerisme er nu weer op, dankzij strengere controles en de commerciële impuls van Natura Parc.
Hoogteparcours en Karstlandschap
Na de lunch splitst ons gezelschap: de ’twee Wouters’ – die van Lissa kwam vrijdag laat nog toe, papsie en Nancy nemen de immer ruziënde juffrouwen mee op uitstap. Cris en Donald blijven lekker thuis, terwijl de rest zich klaarmaakt voor een tocht naar de Fondry des Chiens. Een nacht goede slaap heeft me deugd gedaan, dus waagt deze ‘oude aap’ zich vandaag toch aan de wandeling naar het voor Wallonië unieke karstlandschap. Marijke heeft Boke mee, Klaas zijn Roemeense herder Spencer, en meester Joeri houdt de oude Golden, Perla, netjes aan de lijn. Ik heb geen conditie meer sinds de laatste keer dat ik achter Wouter liep en huppel achterop terwijl ‘onze’ Billy bij Jeroen gedurig trekt aan de lange lijn.
We pikken in op het traject Les Abannets en bereiken een open vlakte midden in de bossen. Hoewel het oude hondje bijna doof is en die van Klaasje simpelweg niet luistert, mogen ze toch los. “Stijn, zou Billy ook niet los mogen?” vraagt Jeroen. “Hij luistert toch naar u?” Ik twijfel: “Alleen als ik een boulet vastheb… Vraag het maar aan je broer, want ik ga Wouter straks niet uitleggen dat we zijn hond kwijt zijn.”
Via Dolorosa en Memento Mori
Eén berichtje van het baasje later spurt onze springmuis als een bezetene achter de Roemeense herder aan door het open veld tussen de natuurreserves van Lineri en Abannets. Ik houd mijn hart vast. De route voert ons richting Nismes, naar de indrukwekkende Fondry des Chiens, langs de Roche aux Faucons en door een oude spoortunnel weer terug naar Dourbes. Waar de rest onvermoeibaar doorstapt, begint mijn heupgewricht al na een paar kilometer te zeuren — nog erger dan de eigenaar. Geen wandelkaart en op goed geluk wat pijltjes volgen boezemt weinig vertrouwen in. Ik mank achter onze sportieve vrienden aan, met één oog op de gps die me constant naar een berijdbare weg probeert te navigeren.
Het geplande ‘ommetje’ van 7 kilometer blijkt uiteindelijk bijna het dubbele. Compleet geradbraakt stap ik eindelijk de voetbrug naar de Rue de Fays weer over. Cris en Donald hadden groot gelijk om thuis te blijven. Niemand moppert, behalve deze ‘oude sok’ — althans, tot zijn compagnon straks ook weer binnenkomt. De twee Wouters hebben het waaghalzenparcours overwonnen; schrik kennen die jongens niet. De Wouter van Lissa vertrok van ginder ineens naar huis, de onze gelukkig niet.
We sluiten de dag af met een laatste avond samen: kaas, wijn en gezelligheid. Daarna kruipt iedereen op tijd onder de wol tot groot plezier van de Italiaanse windhond die ’s nachts weer van kamer wisselt.
Maandag 21 april
Paasmaandag. Het weekend in Dourbes zit er alweer bijna op. Na het laatste ontbijt is het kwestie alles in te pakken en mag iedereen weer naar zijn eigen ‘kot’. Echt zwaar valt het afscheid niet want over een paar weken zien we de hele bende alweer voor een communiefeest.
Wij vatten de terugrit naar Bertem aan met Billy en een flinke berg bagage in de grote koffer. De kleine schavuit komt morgen bij ons logeren, want na het werk trekt zijn baasje weer naar Thierry. Het is nog maar een paar maanden tot ze uit noodzaak gaan samenwonen. Papsie heeft voor zichzelf en zijn dochter inmiddels een concreet perspectief: eerst een paar jaar terug studeren om daarna een job in het kleuteronderwijs te zoeken. Ondertussen dromen van verbouwen zonder te beseffen wat dat allemaal kost; hij wil een deftig huis voor zijn modelgezin. Gelukkig heeft zijn actuele lief een ‘sugardaddy’ als back-upplan…
Als mijn knuffelbeer vanaf nu weer braaf is en ze tegen dan nog samen zijn, nemen we hen misschien toch mee naar Berlijn.



















